Wet BIG

Twee groepen beroepen worden specifiek geregeld in de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (de Wet BIG). Deze groepen staan bekend onder het artikelnummer in de wet: artikel 3- en artikel 34-beroepen.

Artikel 3-beroepen

Voor de artikel 3-beroepen zijn de opleidingseisen en het deskundigheidsgebied in besluiten vastgelegd. De beroepstitel is wettelijk beschermd; wie deze titel wil voeren, moet zich inschrijven in het BIG-register. Deze beroepen vallen onder het tuchtrecht.

Artikel 34-beroepen

Ook voor de artikel 34-beroepen zijn de opleidingseisen en het deskundigheidsgebied in besluiten vastgelegd. Er is echter geen wettelijk register. Wie voldoet aan de wettelijk vastgestelde eisen, mag de beschermde opleidingstitel voeren.

Voorbehouden handelingen

In principe mag iedereen alle geneeskundige handelingen uitvoeren. Dit is de grondgedachte van de Wet BIG. Er is een uitzondering: de voorbehouden handelingen. Dit zijn handelingen die grote risico’s met zich meebrengen als niet-deskundigen ze uitvoeren. Alleen zorgverleners die in de Wet BIG genoemd zijn, mogen deze voorbehouden handelingen zelfstandig uitvoeren. Dit zijn de artsen, tandartsen en verloskundigen. Artsen mogen alle voorbehouden handelingen uitvoeren. Tandartsen en verloskundigen mogen alleen die voorbehouden handelingen die bij hun beroep horen uitvoeren. Belangrijk is ook dat een zorgverlener bekwaam moet zijn om een voorbehouden handeling uit te voeren.

 

 

 

Artikel 3-beroepen

  • Apotheker
  • Arts
  • Fysiotherapeut
  • Gezondheidszorgpsycholoog
  • Psychotherapeut
  • Tandarts
  • Verloskundige
  • Verpleegkundige

Artikel 34-beroepen

  • Apothekersassistent 
  • Diëtist 
  • Ergotherapeut
  • Huidtherapeut
  • Logopedist
  • Mondhygiënist
  • Oefentherapeut Cesar
  • Oefentherapeut Mensendieck
  • Optometrist
  • Orthoptist
  • Podotherapeut
  • Radiodiagnostisch laborant
  • Radiotherapeutisch laborant
  • Tandprotheticus
  • Verzorgende in de individuele gezondheidszorg (VIG’er)